Massaal CAO-protest politiebonden: Van der Steur beken kleur!

Zestienhonderd politiemensen uit het hele land hebben op woensdag 8 april in Den Haag meegedaan aan een CAO-protestmanifestatie van de vier politiebonden. Op het Spuiplein werd minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur luidkeels aangemoedigd om met betere voorstellen voor een nieuwe politie-CAO te komen. De minister nodigde de bonden uit om vooral aan de onderhandelingstafel terug te keren, maar liet in het midden of hij dat mogelijk gaat maken door snel (uiterlijk maandag) met een behoorlijk CAO-aanbod te komen.

Op maandag 30 maart merkte de minister in zijn kennismakingsgesprek met de bonden op dat hij wel eens van hun leden zelf wilde horen dat ze een betere beloning willen. Die handschoen lieten de bonden niet liggen. Ze besloten binnen een week duizend collega’s in Den Haag bijeen te brengen voor een ontmoeting met de minister. Het werden er zestienhonderd.

 

Het overgrote deel van de actievoerders werd vanuit de tien politie-eenheden aangevoerd in door de bonden gehuurde actiebussen. Even voor 13.00 uur arriveerden bij het Malieveld in Den Haag de eerste bussen met collega’s, afkomstig uit Midden-Nederland. Zij werden vriendelijk verzocht meteen een oranje actiehesje aan te trekken; daarna mochten ze aanvallen op de ruimschoots voorradige koffie, thee, chocolademelk en broodjes.

 

Twee uur lang arriveerde de ene na de andere bus, waardoor rond drie uur een menigte van zeker zestienhonderd actievoerders in oranje hesjes was ontstaan. Dat waren niet alleen collega’s die door de vakbonden naar Den Haag waren gereden. Er waren ook collega’s in door het korps gehuurde bussen naar Den Haag gekomen. Hun reisdoel was rond het middaguur op het Binnenhof aanwezig te zijn bij de overdracht van het nieuwe politievaandel aan korpschef Gerard Bouman door koning Willem-Alexander. De bonden hadden deze collega’s opgeroepen zich solidair te tonen en na afloop van de ceremonie naar het Malieveld te komen om zich bij de CAO-protestmanifestatie aan te sluiten.

 

Om tien minuten over drie kwam de proteststoet in beweging en begaf zich onder een aangenaam voorjaarzonnetje richting het ministerie van Veiligheid en Justitie. Voorop liepen vijf collega’s die samen een spandoek droegen met daarop de slogan van de acties van de afgelopen weken: Politiewerk verdient meer waardering! Vlak daarachter liepen de voorzitters van de vier politiebonden, gevolgd door een langgerekte sliert actievoerders.

 

Om 15.40 uur kreeg minister Van der Steur op het Spuiplein door de vijf vooroplopende collega’s een buitensporig grote gele kaart overhandigd. Aan de ene kant een berisping omdat hij nog geen afstand heeft genomen van de schraperige CAO-voorstellen van zijn voorganger Ivo Opstelten. Aan de andere kant een geheugensteuntje over de CAO-inzet van de bonden. Een salarisverhoging van 3,3 procent na vier jaar nullijn; een bonus voor de loyaliteit en inzet tijdens een zeer langdurige reorganisatie; normale toelagen voor onregelmatig werk, piket en reizen; verhoging van de veiligheid en gezondheid van het politiewerk; een solide loopbaan- en vroegpensioenbeleid en behoud van de huidige 21 vrije weekenden.

 

Tegenover deze CAO-eisen stelde minister Opstelten een loonsverhoging die de medewerkers zelf moesten betalen door andere arbeidsvoorwaarden in te leveren. Ook wilde hij het politiewerk nog verder flexibiliseren, ongeacht de gevolgen daarvan voor het privéleven en de gezondheid (rusttijden) van politiemedewerkers.

 

Heeft zijn opvolger de politieke moed om het politiewerk de waardering te geven die het verdient, om te beginnen door een redelijke investering in betere arbeidsvoorwaarden? Op het Spuiplein werd de minister door 1.600 politiestemmen opgeroepen daarover duidelijkheid te verschaffen. Drie keer achter elkaar scandeerden de actievoerders: Van der Steur, beken kleur! Toen de minister vervolgens vroeg of de menigte dat nogmaals wilde doen omdat hij het eigenlijk wel mooi vond klinken, bleef het muisstil.